• Hardlopen en schade aan je rode bloedcellen: hoe zit het nu echt?
    May 1 2026
    Dit is de 264e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:Hardlopen en schade aan je rode bloedcellen: hoe zit het nu echt?INLEIDING:Deze week duiken Gerrit en Jurgen in een onderzoek dat begin 2026 voor nogal wat paniek zorgde in de hardloopwereld. Na een ultra-loop bleken de rode bloedcellen van lopers namelijk een fractie minder elastisch te zijn.Heeft de klap van je voet op het asfalt echt zon grote invloed op de afbraak van je bloed?Jurgen legt uit waarom die drie procent extra stijfheid geen reden is voor fysiologische paniek, maar juist een teken van een broodnodige verjongingskuur.Want wat is het nut van jonge reticulocyten die direct na de finish in je bloedbaan verschijnen?En moet je na een zware race direct aan de ijzersupplementen, of is je lichaam zelf een meester-recycler?Vragen die in deze aflevering worden beantwoord:1. Wat betekent de term gesloopt bloed voor de gezondheid van een ultra-loper op de lange termijn?Jurgen legt uit dat de sensationele krantenkoppen de fysiologische werkelijkheid verdraaien. Hoewel een zware inspanning zoals een ultra-trail tijdelijk zorgt voor stijvere rode bloedcellen en mechanische schade, is dit geen onherstelbaar defect. Het lichaam gebruikt de milt en lever om deze oude cellen razendsnel op te ruimen. Wat overblijft, is een prikkel voor het beenmerg om verse, elastische reticulocyten aan te maken. In plaats van permanente schade spreeken we volgens Jurgen eerder van een versnelde verversingscyclus van je bloedvoorraad. Voor de ultra-loper is dit feitelijk noodzakelijk fysiologisch onderhoud onder hoge druk.2. Wat is de impact van drie procent minder vervormbare rode bloedcellen op mijn prestaties tijdens het hardlopen?De afname in de elasticiteit van rode bloedcellen tijdens het hardlopen lijkt volgens Jurgen een zeer beperkte rol te spelen in de uiteindelijke vermoeidheid tijdens een race. Omdat de daling bij de UTMB-lopers op de 171 kilometer slechts drie procent was, is het onwaarschijnlijk dat dit de cruciale beperking is voor de zuurstofopname. Andere factoren zoals spierschade, brandstoftekort en mentale uitputting wegen veel zwaarder. De lichte stijfheid van de cellen is eerder een bijproduct van de enorme fysieke stress dan de directe oorzaak van het stilvallen in de laatste fase van een ultra.3. Wat is de invloed van de ondergrond waarop ik ga hardlopen op de schade aan mijn rode bloedcellen?Jurgen bespreekt het principe van foot-strike hemolysis, waarbij rode bloedcellen letterlijk kapot gaan door de klappen op de voetzool. Bij het hardlopen op asfalt met veel harde landingen is deze mechanische schade doorgaans groter dan bij een trail over een zachtere ondergrond. Hoewel dit proces bijdraagt aan de tijdelijke afbraak van cellen, is het volgens Jurgen niet iets waar een gezonde ultra-loper zich tegen moet wapenen. Het hoort bij de sport en vormt juist de prikkel voor je lichaam om je bloedkwaliteit na de wedstrijd weer te optimaliseren door vernieuwing.4. Wat kan ik als ultra-loper met voeding of supplementen doen om mijn rode bloedcellen te beschermen?Uit vragen van luisteraars blijkt vaak een bezorgdheid over ijzertekorten door de verhoogde afbraak van bloedcellen tijdens het hardlopen. Jurgen adviseert echter om niet zomaar extra ijzer te slikken zonder voorafgaand bloedonderzoek. Ons lichaam is namelijk bijzonder efficiënt in het recyclen van ijzer uit de oude, afgebroken cellen. Het lukraak toevoegen van ijzersupplementen kan zelfs ongewenste effecten hebben als je waarden al stabiel zijn. De focus voor de ultra-loper moet na een wedstrijd vooral liggen op een breed herstel en gevarieerde voeding, zodat je systeem de bouwstoffen heeft om de nieuwe voorraad jonge cellen te produceren.5. Wat zegt de aanwezigheid van nieuwe bloedcellen over het herstelproces na het hardlopen van een ultra?De aanwezigheid van jonge reticulocyten wijst op een actieve vernieuwing van je bloedvoorraad. Jurgen legt uit dat deze nieuwe cellen verschijnen als reactie op de afbraak van de oude garde tijdens het hardlopen. Het duurt echter weken voordat deze nieuwe voorraad volledig is uitgehard en de maximale capaciteit voor zuurstoftransport bereikt. Daarom is de herstelperiode na een extreme inspanning zo belangrijk voor een ultra-loper. Als je te snel weer intensief gaat hardlopen, verstoor je het natuurlijke proces van bloedverjonging. Geef je lichaam de tijd om de verversing die door de ultra is opgestart, ook echt rustig af te ronden.Handige bronnen en links:De oorspronkelijke studie “Long-distance trail running induces inflammation-associated protein, lipid, and purine oxidation in red blood cells”: https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S3050598426000107Het nieuwsbericht van Scientias “Ultraloop sloopt je bloed: het lijkt echt niet zo gezond om jezelf compleet uit te putten” door Jeanette Kras: https://scientias.nl/...
    Show More Show Less
    1 hr
  • Slimmer presteren met tips van hoogleraar sportpsychologie Nico van Yperen
    Apr 24 2026
    Dit is de 263e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:Slimmer presteren met tips van hoogleraar sportpsychologie Nico van YperenINLEIDING:Wat als je meer dan een uur met de beste sport- en prestatiepsycholoog van Nederland zou mogen spreken? Dat is precies wat de aflevering van deze week voor je in petto heeft. Hoogleraar Nico van Yperen leert ons waarom het idee van boven jezelf uitstijgen tijdens een wedstrijd een fabel is. Het bestaat simpelweg niet. Succes op een wedstrijddag is volgens hem vooral het beperken van je prestatieverlies.We leggen concrete vragen van luisteraars over sportpsychologie in de praktijk aan Nico voor. Want wat doe je als je focus wegglipt tijdens een zware inspanning? En hoe helpt het R-model je om na tegenslag direct weer de knop om te zetten? De vorm zit vaak al in je benen, nu moet je zorgen dat je hoofd niet in de weg zit. Heb jij wel eens een wedstrijd verpest door je eigen gedachten?Vragen die in deze aflevering worden beantwoord:1. Wat kun je doen als je merkt dat je de focus verliest tijdens een zware inspanning?Volgens Nico van Yperen is de eerste stap het herkennen dat je niet meer in de kern van je taak zit. Hij gebruikt hiervoor de concentratiecirkels van Eberspächer. Zodra je gedachten afdwalen naar de finishlijn of de concurrentie, zit je in de buitenste cirkels en verlies je onnodig energie. De oplossing is simpelweg terugkeren naar cirkel één: de actie die je nu uitvoert. Dat kan je trapritme zijn of je ademhaling. Door je focus bewust te verleggen naar het hier en nu, voorkom je dat mentale ruis je fysieke prestatie hindert.2. Wat is een praktische methode om mentaal te herstellen na een fout of tegenslag in een wedstrijd?In de podcast bespreekt Nico het R-model, een nuchtere techniek voor zelfregulatie. Dit staat voor Registreren, Release en Refocus. Zodra er iets misgaat, moet je dat eerst opmerken zonder direct in een emotionele reactie te schieten. Vervolgens laat je het moment direct los (release), omdat piekeren over een incident je op dat moment totaal niet verder helpt. De laatste stap is Refocus: je richt je aandacht weer op de eerstvolgende actie. Door dit proces te trainen, verkort je de tijd waarin je mentaal uit de wedstrijd ligt en beperk je het prestatieverlies.3. Wat is volgens Nico van Yperen de grootste misvatting over boven jezelf uitstijgen in de sport?Nico van Yperen stoort zich aan de term boven jezelf uitstijgen omdat het suggereert dat je over magische reserves beschikt die groter zijn dan je eigen kunnen. Volgens de hoogleraar is dat onmogelijk; je kunt nooit meer leveren dan je maximale potentieel op dat moment. Wanneer iemand een uitzonderlijke prestatie levert, betekent dit simpelweg dat diegene erin is geslaagd om het prestatieverlies tot bijna nul te reduceren. Sportpsychologie in de praktijk gaat dus niet over het worden van een supermens, maar over het voorkomen dat je door mentale factoren slechter presteert dan je eigenlijk kunt.4. Wat houdt de formule van Nico van Yperen over prestatieverlies precies in voor een duursporter?De kern van sportpsychologie volgens Nico is de formule: prestatie is gelijk aan potentieel minus prestatieverlies. Je potentieel wordt bepaald door je fysieke training, talent en materiaal. Het prestatieverlies ontstaat door mentale ruis, zoals angst, twijfel of afleiding. Nico benadrukt dat je winst behaalt door die ruis weg te nemen. In plaats van te zoeken naar een verborgen turbo, is het effectiever om te leren hoe je stressoren neutraliseert. Zo zorg je ervoor dat de honderd procent die je in de benen hebt, ook daadwerkelijk op het asfalt of het parcours terechtkomt.5. Wat is het nut van een minutieuze voorbereiding zoals zeilster Marit Bouwmeester die hanteert?In zijn boek Winnen met je hoofd beschrijft Nico hoe olympisch kampioene Marit Bouwmeester haar succes tot in detail plant. Een strakke voorbereiding dient een belangrijk mentaal doel: het elimineren van onzekerheid. Als je vooraf precies weet wat je in elk scenario moet doen, hoef je daar tijdens de wedstrijd niet meer over na te denken. Dit zorgt ervoor dat je makkelijker in de eerste concentratiecirkel blijft. Voor ons als recreatieve sporters betekent dit dat we door randzaken perfect te regelen, meer mentale ruimte overhouden voor de fysieke inspanning.6. Wat is de rol van een groeimindset bij het omgaan met sportieve teleurstellingen?Nico benadrukt het belang van een groeimindset, waarbij je uitdagingen en fouten ziet als kansen om te leren in plaats van als bewijs van onvermogen. Voor een duursporter betekent dit dat een mislukte wedstrijd niet direct je identiteit als atleet ondermijnt. Door kritisch naar je eigen proces te kijken en jezelf af te vragen wat je de volgende keer anders kunt doen, behoud je het plezier en de motivatie. Deze benadering helpt om sneller te herstellen van tegenslagen en zorgt voor een duurzame sportcarrière ...
    Show More Show Less
    1 hr and 19 mins
  • De (on-)zin van functionele voeding voor sporters volgens wetenschapsjournalist Jop de Vrieze
    Apr 17 2026
    Dit is de 262e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:De (on-)zin van functionele voeding voor sporters volgens wetenschapsjournalist Jop de VriezeINLEIDING:We zitten midden in de hype van het 'nutritionisme': we slaan voedingsmiddelen plat tot een lijstje met losse werkzame stoffen. Maar wat stop je eigenlijk in je lijf?Neem eiwit: Fabrikanten voegen massaal peptiden toe, kleine brokstukken eiwit die wonderen voor je herstel zouden verrichten. Of nu de vezel trend: ze stoppen een product vol met inuline, een geforceerde vezel uit fruit, of als je pech hebt gewoon zaagsel? Samen met wetenschapsjournalist Jop de Vrieze volgden we deze week de route van de eiwit- en vezelhype naar de zoektocht naar een sociale roes zonder alcohol en de schimmige winst van nicotine voor je focus. Waar ligt de grens tussen slimme innovatie en marketingonzin? Vragen die in deze aflevering worden beantwoord: 1. Wat is de achterliggende reden dat de supermarkt nu vol ligt met 'functional foods' voor sporters?Volgens Jop de Vrieze is de opkomst van deze verrijkte producten vooral een slimme zet van de voedingsindustrie. Omdat de markt voor gewone bewerkte producten verzadigd is, zoeken fabrikanten naar nieuwe manieren om waarde toe te voegen. Door een ongezond product te voorzien van een scheutje proteïne of extra vezels, krijgt het een gezond imago en kan de prijs omhoog. Voor ons als sporter betekent dit vooral dat we kritisch moeten blijven: een pizza met extra eiwit blijft in de basis een pizza en is zelden de meest efficiënte brandstof voor je herstel.2. Wat is de werkelijke waarde van proteïne-verrijkte producten voor ons herstel?Jop legt uit dat de proteïnehype vooral commercieel gedreven is. Hoewel eiwitten essentieel zijn voor spierherstel, krijgen de meeste duursporters al voldoende binnen via een gevarieerd dieet. Fabrikanten voegen nu eiwitten toe aan producten waar ze niet in horen, zoals frisdrank of ijs, om een gezondheidsclaim te kunnen maken. Dit drijft de prijs flink op zonder dat het een substantiële meerwaarde biedt bovenop je normale maaltijden. Het is volgens ons dan ook slimmer om je eiwitten uit volwaardige bronnen te halen in plaats van uit duur verrijkt bewerkt voedsel.3. Wat is de status van veilige alcoholvervangers die inwerken op het brein?In de aflevering bespreken we het werk van professor David Nutt, die zoekt naar stoffen die wel de sociale ontspanning van alcohol bieden, maar niet de giftige bijwerkingen hebben. Deze middelen werken in op het GABA-systeem, het natuurlijke rempedaal in je hersenen. Voor sporters is dit interessant omdat je de sociale stress na een wedstrijd kunt verlagen zonder dat het je herstel of slaapkwaliteit verslechtert zoals ethanol dat doet. Hoewel er veelbelovende ontwikkelingen zijn, staan deze alternatieve middelen nog aan het begin van hun wetenschappelijke onderbouwing voor algemeen gebruik.4. Wat is de meest effectieve manier om creatine in te zetten voor je sportprestatie?Creatine is een van de weinige supplementen met een keihard wetenschappelijk bewijs, maar volgens Jurgen en Jop moet je kritisch zijn op de vorm waarin je het neemt. Tegenwoordig zit het soms verwerkt in koeken of drankjes, maar die bevatten vaak ook onnodige suikers en vetten. De puurste en meest effectieve methode blijft het gebruik van een simpel creatine-monohydraat in poedervorm. Het is een klassiek voorbeeld van een functionele stof die in zijn basisvorm prima werkt, maar in de marketingmachine van de voedingsindustrie vaak onnodig ingewikkeld en duur wordt gemaakt.5. Wat zijn nootropics en bieden ze echt een voordeel voor de duursporter?Nootropics zijn stoffen die beloven je cognitieve functies, zoals focus en alertheid, te verbeteren. In het peloton wordt wel geëxperimenteerd met middelen als nicotine of specifieke plantextracten voor extra scherpte. Jop de Vrieze benadrukt echter dat de bewijslast voor gezonde sporters erg dun is. Vaak is er sprake van een placebo-effect; je voelt je misschien scherper, maar objectieve prestatiewinst blijft vaak uit. Voor de gemiddelde amateur wegen de kosten en de onzekerheid over de lange termijn effecten meestal niet op tegen de minimale winst die het zou kunnen opleveren.6. Wat is de realiteit achter het gebruik van nicotine als 'breindoping' voor sporters?In het peloton en bij duursporters wordt wel eens geëxperimenteerd met nicotine voor extra scherpte, maar Jop de Vrieze plaatst daar grote kanttekeningen bij. Hoewel het een stimulerend middel is, is de wetenschappelijke bewijslast voor een directe verbetering van de sportprestatie bij gezonde atleten flinterdun. Het gevaar is dat je vooral te maken krijgt met een placebo-effect of, erger nog, de verslavende werking en negatieve effecten op je vaten. In de zoektocht naar een legale 'edge' lijkt nicotine vooralsnog een risicovolle weg met zeer beperkt rendement voor de gemiddelde ...
    Show More Show Less
    1 hr and 1 min
  • Van Rotterdam tot Enschede: De lessen van een zwaar marathonweekend
    Apr 17 2026
    Dit is een bonus aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:Van Rotterdam tot Enschede: De lessen van een zwaar marathonweekendINLEIDING:De vlag ging niet uit, maar moest af… 🚩❌Het was weer marathonweekend! Echter, na 35 kilometer op perfecte pace koers was de koek (nou ja, de kuit) voor Gerrit in Rotterdam plotseling op. Waarom verpestte juist hij als ervaren loper zijn marathon in de laatste twee weken voor de start?In deze bonus aflevering fileren we de taper-fouten van Gerrit en de harde lessen uit onze community. Van de adrenaline-valkuil van Peter, het ‘te lange parcours van Bob, de crash op 39km van Mike, de successen van Marcel, Peer, Menno en Jesse, tot de fysieke strijd van Carlien. Waarom is die marathon-afstand toch zo moeilijk te temmen? Ben jij de man met de hamer tegengekomen dit weekend, of was je hem net te slim af?Vragen die in deze aflevering worden beantwoord: 1. Wat moet ik doen als ik in de laatste twee weken voor Rotterdam begin te twijfelen aan mijn vorm? Het is de klassieke valkuil waar Gerrit dit jaar ook in stapte: uit onzekerheid nog even een paar flinke trainingen eruit persen om jezelf te bewijzen dat je er klaar voor bent. Volgens Jurgen van Teeffelen en coach Guido Vroemen is dat precies wat je niet moet doen. In die laatste veertien dagen kun je fysiologisch niets meer winnen aan conditie, maar wel alles verliezen door overbelasting. De kunst van een goede marathon is durven rusten in de taper. Gerrit merkte dat zijn extra inspanningen resulteerden in een kuit die op de wedstrijddag na 35 kilometer de handdoek in de ring gooide. Vertrouw op het werk dat je in de maanden ervoor hebt gedaan en gun je pezen de rust die ze nodig hebben om de klappen op het asfalt op te vangen.2. Waarom schiet mijn hartslag in de zon in het Kralingse Bos ineens omhoog terwijl ik niet harder loop? In Rotterdam kan de zon tussen de gebouwen verraderlijk fel zijn, zelfs bij milde temperaturen. Jurgen legt uit dat je dan te maken krijgt met aerobic decoupling: je hartslag loopt op terwijl je vermogen of tempo gelijk blijft. Je lichaam moet dan simpelweg te hard werken om de warmte kwijt te raken. Gerrit ervoer dit net voorbij het dertig kilometerpunt. Het advies van de experts is simpel maar mentaal lastig: als je hartslag te ver uit de pas loopt bij je beoogde zone, moet je direct in tempo terugschakelen. Doe je dat niet, dan forceer je een fysiologische afbraak die je in de laatste fase van de race volledig de das om kan doen.3. Hoe voorkom ik dat ik me door de enorme sfeer bij de start laat opjagen tot een te hoog tempo? De adrenaline in Rotterdam is legendarisch, maar ook gevaarlijk. Luisteraar Peter Hofstee merkte dat de ambiance op de Schiedamsedijk hem zo triggerde dat hij veel te hard vertrok, wat hij later in de race cash terugbetaalde. Zijn belangrijkste les voor toekomstige lopers is om meditatie of ademhalingsoefeningen in te zetten in het startvak. Door jezelf mentaal in de ruststand te dwingen terwijl om je heen de Lee Towers-klassiekers uit de speakers knallen, bespaar je kostbaar glycogeen en voorkom je dat je hartslag al in de eerste kilometers in het rood schiet. De marathon begint pas echt bij het Kralingse Bos; alles daarvoor moet op de automatische piloot in een gecontroleerde hartslagzone.4. Wat kan ik doen als mijn sporthorloge tussen de hoogbouw in het centrum een heel ander tempo aangeeft? Rotterdam staat bekend als het Manhattan aan de Maas, maar voor je GPS-signaal is die hoogbouw een ramp. Zoals Bob Dickhoff merkte, kan je horloge door signaalreflecties denken dat je veel meer meters maakt dan in werkelijkheid het geval is, waardoor je denkt dat je sneller loopt dan je bent. Jurgen adviseert daarom om niet blind te varen op je GPS-tempo. De enige harde waarheid zijn de officiële kilometerpaaltjes langs het parcours. Druk bij elk paaltje handmatig op de lap-knop en gebruik een simpel tabelletje op je arm of in je hoofd om je werkelijke tussentijden te controleren. Zo voorkom je dat je bij de finish bedrogen uitkomt omdat je horloge 43 kilometer aangeeft terwijl je nog een eind moet.5. Wat is het verstandigste besluit als ik twee weken voor de start een pijntje voel opkomen? Zowel Gerrit als Carlien Harms kregen in de allerlaatste fase van hun voorbereiding te maken met een blessure. De neiging is dan groot om te hopen dat het vanzelf overgaat of om de pijn te negeren door de adrenaline. Guido Vroemen stelt echter dat dit het moment is om je ambities eerlijk bij te stellen. Carlien koos ervoor om haar streeftijd los te laten en op karakter in een langzamer tempo te finishen, waardoor ze ondanks de pijn toch kon genieten van de support langs de weg. De les is dat je doelen flexibel moeten zijn. Een marathon uitlopen op 90 procent van je kunnen is nog altijd een grotere prestatie dan na 35 kilometer uitvallen omdat je een klein pijntje hebt laten uitgroeien tot een serieuze...
    Show More Show Less
    1 hr and 12 mins
  • Slimmer leren bewegen volgens bewegingswetenschapper Eline Nijmeijer
    Apr 10 2026
    Dit is de 261e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:Slimmer leren bewegen volgens bewegingswetenschapper Eline NijmeijerINLEIDING:Voor veel luisteraars is het ‘race weekend’! Of je nu zelf (net als Gerrit) zondag de volle 42,2km gaat of gewoon je eigen rondje fietst of loopt, we kennen allemaal dat moment waarop de vermoeidheid toeslaat en je techniek langzaam uit elkaar valt.De reflex is vaak om dan ‘extra goed op je houding’ te letten, maar ons gesprek met bewegingswetenschapper Eline Nijmeijer zet dat idee volledig op zijn kop.Eline is gepromoveerd op motorisch leren en het voorkomen van zware knieblessures. Ze legt uit waarom de klassieke aanwijzingen van trainers, zoals ‘houd je knie recht’ vaak juist averechts werken.Deze week ontdekken we hoe je een bewegingspatroon aanleert dat wél standhoudt onder druk. We bespreken wat de kracht is van een externe focus en waarom een beetje autonomie in je training zorgt voor een sneller leerproces in je brein.Wat is de beste manier om je techniek te veranderen zonder dat het onnatuurlijk voelt?Vragen die in deze aflevering worden beantwoord:1. Wat is het verschil tussen een interne en een externe focus bij het sporten?Eline legt in de aflevering uit dat een interne focus, waarbij je de aandacht richt op je eigen lichaamsdelen of spieren, de natuurlijke vloeiendheid van een beweging vaak verstoort. Voor wie beter wil leren bewegen, is een externe focus effectiever. Dit houdt in dat je de aandacht verplaatst naar de omgeving of het beoogde resultaat, zoals het geluid van je landing of het raken van een specifieke lijn op de grond.Uit haar onderzoek blijkt dat het brein de complexe coördinatie dan veel efficiënter zelf regelt, wat leidt tot veiligere en effectievere bewegingspatronen.2. Wat zijn de belangrijkste pijlers van de OPTIMAL-theorie voor motorisch leren?In haar proefschrift hanteert Eline de OPTIMAL-theorie als wetenschappelijk kader. Dit model rust op drie specifieke pijlers: verhoogde verwachtingen, autonomie en een externe focus van aandacht.Het uitgangspunt is dat je als sporter sneller en beter leert wanneer je vertrouwen hebt in de goede afloop, zelf keuzes mag maken in je training en je blik naar buiten richt. Deze combinatie zorgt voor een optimale omgeving in de hersenen om nieuwe technieken te verankeren. Het is dus geen kwestie van eindeloos herhalen, maar van de juiste psychologische en aandacht-gerelateerde randvoorwaarden creëren.3. Wat is het voordeel van impliciet leren voor een duursporter?Veel fanatieke sporters proberen hun techniek te verbeteren door technische regels te onthouden, wat we expliciet leren noemen. Eline waarschuwt dat deze vorm van leren kwetsbaar is. Zodra de vermoeidheid toeslaat of de wedstrijdspanning oploopt, kan je brein deze regels vaak niet meer verwerken en valt je techniek uit elkaar.Impliciet leren daarentegen gebeurt onbewust, bijvoorbeeld door te trainen in een uitdagende omgeving of met metaforen. Het resultaat is een veel robuustere techniek die standhoudt in de finale van een wedstrijd, simpelweg omdat je er niet bij na hoeft te denken.4. Wat is de rol van autonomie bij het verbeteren van je techniek?Autonomie klinkt misschien als een modewoord, maar Eline onderbouwt in haar werk dat het een harde voorwaarde is voor effectief motorisch leren. Wanneer je als sporter zelf controle hebt over kleine details van je training, zoals de volgorde van de oefeningen of het moment waarop je feedback vraagt, wordt er dopamine aangemaakt in de hersenen.Deze stof fungeert als een soort lijm voor het geheugen en helpt bij het verankeren van nieuwe bewegingspatronen. Beter leren bewegen gaat dus sneller als je niet alleen maar orders opvolgt, maar zelf actief betrokken bent bij het leerproces.5. Wat zijn effectieve strategieën om het risico op kruisbandblessures te verkleinen?Om zware blessures zoals kruisbandletsel te voorkomen, is alleen krachttraining meestal onvoldoende. Volgens Eline zit de winst in het aanleren van veiligere bewegingspatronen tijdens kritieke momenten, zoals een landing of een schijnbeweging.In plaats van een sporter precies te vertellen hoe de knie moet staan, werken instructies met een extern doel veel beter. Door bijvoorbeeld te focussen op het behouden van een stabiele positie ten opzichte van een denkbeeldige tegenstander, leert het lichaam zichzelf op een natuurlijke en robuuste manier te beschermen, ook wanneer de situatie op het veld onvoorspelbaar wordt.Handige bronnen en links:Alle publicaties van Eline, inclusief haar proefschrift: https://www.rug.nl/staff/e.m.nijmeijer/researchAflevering 179 m.b.t. ASM Masters of Movement bijeenkomst over blessures en die te vermijden door anders te bewegen. https://slimmer-presteren-podcast.nl/seizoen-9/179-blessures-voorkomen-door-anders-leren-te-bewegen-volgens-voetbalbondsarts-edwin-goedhart/Aflevering 116 over differentieel leren: ...
    Show More Show Less
    56 mins
  • Slimmer presteren met een fit koppie: wat doet sporten op je brein?
    Apr 3 2026
    Dit is de 260e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:Slimmer presteren met een fit koppie: wat doet sporten op je brein?INLEIDING:Met Pasen voor de deur en de marathons van Rotterdam en Enschede over ruim een week, zitten veel lopers momenteel in de befaamde fase van de taper-gekte. Je vraagt je af of die ene laatste training nog zin heeft, terwijl je ondertussen probeert niet te veel paaseitjes te eten.Maar er is een aspect van de voorbereiding waar we het eigenlijk te weinig over hebben: wat doet al dat lange duursporten eigenlijk met je hoofd? Luisteraar Arnout Boer stelde een vraag die ons direct deed slikken: "train je minder effectief als je ondertussen naar een podcast luistert?"Voor ons als makers is dat een gewetensvraag, maar gelukkig blijkt het antwoord genuanceerd.Sportarts Guido Vroemen deelt bovendien een tip die je direct kunt uitproberen: laat je navigatie eens thuis en dwing je hersenen om de route zelf te onthouden!Vragen die in deze aflevering worden beantwoord:1. Wat is het effect van een zware inspanning op je denkvermogen?Jurgen legt uit dat er een soort J-curve bestaat als het gaat om sporten en het brein. Een rustige duurtraining werkt vaak als een katalysator voor creativiteit en een scherper werkgeheugen. Je komt vaak met de beste ideeën thuis na een uurtje hardlopen. Echter, zodra de intensiteit naar het rood gaat, zoals bij een marathon of zware intervallen, slaat dit om. Het brein heeft dan alle energie nodig voor de fysieke aansturing, waardoor cognitieve functies tijdelijk achteruitgaan en je letterlijk wazig in je hoofd wordt.2. Wat betekent het voor je progressie als je tijdens het trainen mentaal volledig afgeleid bent?Jurgen baseert zich op een recente studie bij muizen waaruit bleek dat specifieke neuronen in de hypothalamus geactiveerd moeten worden om de spieren te laten adapteren aan training. Als die neurale prikkel ontbreekt, is het trainingseffect minder. Hoewel we voorzichtig moeten zijn met de vertaling naar mensen, suggereert dit dat volledige afleiding tijdens een zware sessie de effectiviteit kan remmen. Voor een rustige duurloop is een podcast prima, maar bij een sleuteltraining wil je dat je brein de inspanning bewust registreert voor het beste resultaat.3. Wat zijn praktische manieren om je mentale weerbaarheid tijdens het sporten te vergroten?Guido Vroemen adviseert om niet alles op de automatische piloot te doen. Hij ziet in zijn praktijk dat atleten die ook cognitief geprikkeld worden, beter bestand zijn tegen de mentale mist tijdens een wedstrijd. Je kunt dit simpel trainen door bijvoorbeeld zonder navigatie op pad te gaan en zelf je route te onthouden. Ook het oplossen van rekensommen tijdens een intensief blok dwingt je hersenen om actief te blijven onder fysieke druk. Zo train je de verbinding tussen je sporten en brein en word je mentaal belastbaarder.4. Wat gebeurt er fysiologisch in je hoofd na een extreme uitputtingsslag zoals een marathon?Jurgen haalt onderzoek aan dat aantoont dat de hoeveelheid myeline, het isolatiemateriaal rondom je zenuwcellen, na een marathon tijdelijk afneemt. Dit verklaart waarom veel lopers na de finish moeite hebben met eenvoudige taken of zelfs hun weg niet meer weten. Het brein ondergaat een fysieke belasting die vergelijkbaar is met die van de spieren. Gelukkig is dit effect van tijdelijke aard en herstelt de witte stof in je hersenen zich weer na voldoende rust, net als de rest van je lichaam.5. Wat is de relatie tussen mentale vermoeidheid door werk en je fysieke prestaties in de training?Jurgen wijst op onderzoek dat aantoont dat mentale vermoeidheid je fysieke uithoudingsvermogen direct negatief beïnvloedt. Als je de hele dag in lastige meetings hebt gezeten, is je mentale budget op. Hoewel je benen fysiek nog fris kunnen zijn, ervaar je de inspanning als veel zwaarder. Dit komt omdat je brein sneller aan de rem trekt om zichzelf te beschermen. In de praktijk betekent dit dat je na een zware werkdag soms beter een rustige hersteltraining kunt doen dan een moordend intervalprogramma waarbij je mentaal diep moet gaan.Handige bronnen en links:De recente studie (in muizen) waar Arnout Boer ons op wijst: https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/41687612/Review uit 2024 van Vrije universiteit Brussel over invloed van mentale vermoeidheid op fysieke prestaties en risico op blessures: https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39122241/Meta-analyse naar het acute effect van inspanning op cognitie bij jonge, gezonde mensen: https://www.nature.com/articles/s44271-024-00124-2Studie die vond dat de hoeveelheid myeline in het brein na een marathon tijdelijk afnam: https://www.nature.com/articles/s42255-025-01244-7Recente studie (2026) naar het effect van een marathon lopen op het werkgeheugen: https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/41572516/Recent onderzoek naar fysieke en mentale vermoeidheid en cognitie bij ultrafietsers: https://...
    Show More Show Less
    1 hr and 2 mins
  • Hoe gebruik je de juiste kennis uit de sportwetenschap volgens hoogleraar Florentina Hettinga
    Mar 27 2026
    Dit is de 259e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:Hoe gebruik je de juiste kennis uit de sportwetenschap volgens hoogleraar Florentina HettingaINLEIDING:70 procent van de sportwetenschappelijke studies is niet te herhalen met dezelfde uitkomst. Of nou ja, misschien is het 50 of 90 procent, maar het punt is: we hebben een probleem. In de aflevering van deze week bespreken we waarom een labresultaat buiten op de weg vaak weinig waard blijkt te zijn.Samen met hoogleraar Florentina Hettinga duiken we in de replicatiecrisis. Waarom gaan influencers aan de haal met flinterdun bewijs? En hoe herken je als kritische sporter zelf het verschil tussen marketingpraat en een echt goed trainingsinzicht?Vragen die in deze aflevering worden beantwoord:1. Wat is de werkelijke impact van de replicatiecrisis op de geloofwaardigheid van de sportwetenschap?Florentina Hettinga stelt dat we de replicatiecrisis niet moeten zien als een diskwalificatie van het vakgebied, maar als een broodnodige reality check. Voor de jonge sportwetenschapper betekent dit dat het publiceren van een enkel spectaculair resultaat minder zwaar weegt dan het leveren van reproduceerbaar werk. We bespreken met haar dat een onderzoek pas echt waarde krijgt als vakgenoten in een andere setting tot dezelfde conclusies komen. Het dwingt onderzoekers om bescheidener te zijn in hun claims en de focus te verleggen van sensatie naar robuustheid, wat de betrouwbaarheid op de lange termijn juist versterkt.2. Wat zijn de belangrijkste barrières bij de vertaling van wetenschappelijke data naar de dagelijkse trainingspraktijk?Het grote probleem zit volgens Florentina in de overstap van de gecontroleerde labomgeving naar de grillige buitenwereld. Veel onderzoeken worden uitgevoerd met een homogene groep proefpersonen, vaak fitte mannelijke studenten, onder ideale omstandigheden. Als jonge onderzoeker wil je die data graag direct toepasbaar maken voor iedereen, maar we leerden in dit gesprek dat die vertaling zelden één-op-één werkt. De ruis van het dagelijks leven, zoals weeromstandigheden of individuele fysiologie, wordt in het lab vaak weggefilterd. Het herkennen van die beperkingen is volgens de hoogleraar essentieel om sportwetenschap relevant te houden voor de praktijk.3. Wat betekent de beweging richting Open Science concreet voor de manier waarop we sportonderzoek consumeren?Open Science is volgens Florentina Hettinga veel meer dan alleen een modewoord; het is een fundamentele verandering in de wetenschappelijke cultuur. Voor onderzoekers betekent dit dat ze hun data en methoden transparant moeten delen op platforms zoals Figshare. Hierdoor kunnen anderen het werk controleren en erop voortbouwen, wat de kans op verborgen fouten verkleint. We merkten in het gesprek dat dit voor de nieuwe generatie wetenschappers de standaard wordt. Als consument van sportkennis kun je hierdoor beter beoordelen of een claim ergens op gebaseerd is of dat de onderliggende data verborgen blijven achter een commerciële betaalmuur.4. Wat maakt sportwetenschap zo vatbaar voor de verspreiding van onvolledige of overdreven claims?De combinatie van een enorme commerciële markt en de menselijke drang naar een snelle oplossing maakt sportwetenschap kwetsbaar. Florentina wijst erop dat marketingafdelingen vaak alleen de spectaculaire uitschieters uit een onderzoek pakken en die presenteren als de nieuwe waarheid. In de podcast bespreken we hoe dit mechanisme werkt: nuance verkoopt simpelweg minder goed dan een revolutionaire ontdekking. Voor een jonge wetenschapper is het de uitdaging om in die dynamiek vast te houden aan de feiten. We moeten kritisch blijven kijken naar de bron en de context waarin een resultaat wordt gepresenteerd, zeker op sociale media.5. Wat is de beste manier om als kritische sporter de waarde van een nieuw trainingsinzicht te beoordelen?Florentina adviseert om vooral te kijken naar meta-analyses in plaats van naar losse studies. Een meta-analyse voegt de data van talloze onderzoeken samen en filtert zo de toevallige uitschieters eruit. Voor de sporter die niet dagelijks in de boeken duikt, is dit de gouden standaard. Daarnaast bespraken we dat je altijd moet vragen wie het onderzoek heeft gefinancierd en of de resultaten breed gedragen worden door andere experts. Wetenschap is een continu gesprek en pas als er consensus ontstaat over een langere periode, kun je met een gerust hart je trainingsschema er echt op aanpassen.Handige bronnen en links:Alle publicaties van Florentina Hettinga: https://www.amsterdamumc.org/en/research/researchers/florentina-hettinga.htmSportgericht nummer 5 van 2025 waarin aandacht voor de replicatiecrisis in de sportwetenschap (pagina21): https://sport-gericht.nl/site/assets/files/1535/pr_sportgericht_05-2025_compleet.pdfDe originele replicatiestudie: https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/40522610/—-De Slimmer Presteren Podcast is een ...
    Show More Show Less
    1 hr and 11 mins
  • Een super lage rusthartslag: teken van topfit of ook riskant?
    Mar 20 2026
    Dit is de 258e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:Een super lage rusthartslag: teken van topfit of ook riskant?INLEIDING:Stel je wordt wakker, checkt je hartslag en ziet een getal waar een niet-sporter zich direct zorgen om zou maken: is die 38 slagen per minuut nou pure fitheid of een risico? Deze week onderzoeken we waarom onze hart-hardware fundamenteel verandert door al die trainingsuren. Is die trage sinusknoop pure efficiëntie, of de reden dat we soms duizelig van de bank opstaan? Waarom hebben wij als duursporters eigenlijk een verbouwde motor nodig? We duiken in de wetenschap achter de lage rusthartslag en vragen aan Guido Vroemen wanneer ons stationair toerental simpelweg te laag staat afgesteld. Ben je topfit, of wordt het tijd voor een ritme-check? Vragen die in deze aflevering worden beantwoord: 1. Wat is de reden dat mijn rusthartslag als duursporter soms ver onder de 40 slagen per minuut duikt?Jurgen legt uit dat dit een combinatie is van verschillende factoren. Allereerst wordt je hart simpelweg groter en krachtiger door jarenlange training, waardoor het per slag meer bloed rondpompt. Maar er is meer: je zenuwstelsel trekt de rem op je hart strakker aan, de zogenaamde vagale toon.Recent onderzoek toont aan dat zelfs de sinusknoop, de natuurlijke pacemaker van je hart, fysiek verandert door sport. Het is dus een knap staaltje biologische efficiëntie, waarbij je hart letterlijk leert om met minder inspanning hetzelfde werk te verzetten.2. Wat zijn de risico's van zo een extreem lage hartslag op de lange termijn?Hoewel een lage hartslag meestal een teken van fitheid is, wijst Jurgen ook op de schaduwkant. Bij sommige atleten kan de natuurlijke pacemaker zo sterk vertragen dat er ritmestoornissen ontstaan, zoals boezemfibrilleren op latere leeftijd. Het hart raakt gewend aan het trage ritme, wat in de weerbarstige praktijk soms tot problemen leidt als de overgang naar inspanning niet soepel verloopt.Zolang je geen klachten hebt als flauwvallen of onverklaarbare vermoeidheid is er vaak niks aan de hand, maar een extreem laag ritme is niet per definitie zonder risico.3.Wat verklaart die vervelende duizeligheid wanneer ik snel opsta van de bank?Dit fenomeen noemen we orthostatische intolerantie. Omdat je hartslag in rust zo laag is en je bloedvaten in je benen door de training erg wijd zijn, zakt het bloed bij het opstaan sneller naar beneden dan je hart het omhoog kan pompen. Guido Vroemen ziet dit vaak in zijn praktijk bij fitte atleten. Het is meestal onschuldig, maar wel irritant.Een praktische tip van Guido is om even je kuitspieren aan te spannen voordat je opstaat, zodat je het bloed als het ware weer omhoog drukt richting je hersenen.4. Wat is de invloed van mijn genen op die lage hartslag, of is het puur een resultaat van training?Het is een misverstand dat een lage hartslag alleen maar door hard trainen komt. Jurgen benadrukt dat je genetische blauwdruk een grote rol speelt. Sommige mensen hebben van nature al een lagere hartslagfrequentie. Als je daar dan ook nog eens serieus duurtrainen aan toevoegt, zie je die getallen pas echt kelderen.De een zal met eenzelfde trainingsomvang dus op een rusthartslag van 45 uitkomen, terwijl de ander moeiteloos de 35 aantikt. Het getal op je horloge zegt dus niet alles over je conditie.5. Wat zijn de signalen waarbij ik echt aan de bel moet trekken bij een sportarts?Volgens Guido Vroemen is de absolute waarde van je hartslag minder belangrijk dan hoe jij je voelt. Word je regelmatig echt zwart voor de ogen bij inspanning, heb je het gevoel dat je hart overslaat of een vreemd ritme aanneemt, of merk je dat je hartslag tijdens een training niet meer omhoog wil? Dan is het tijd voor een ritme-check.Een sportmedisch onderzoek met een ECG kan dan uitsluitsel geven of je hart nog wel op de juiste manier reageert op de prikkels die je het geeft.Handige bronnen en links:Aflevering 23 met triatleet en hartpatiënt Wouter Duinisveld: https://slimmer-presteren-podcast.nl/seizoen-2/wouter-duinisveld-triatleet-en-hartpatient-met-een-ultiem-doorzettingsvermogen/Aflevering 125 over trainen en hartgezondheid met Thijs Eijsvogels: https://slimmer-presteren-podcast.nl/seizoen-6/125-trainen-voor-een-gezonder-hart-volgens-thijs-eijsvogels/Aflevering 203 over de beperkingen van afgaan op je hartslag tijdens een lange inspanning: https://slimmer-presteren-podcast.nl/seizoen-10/203-je-tempo-bepalen-aan-de-hand-van-je-hartslag-zinvol-of-niet/Belgisch-Australische studie naar bradycardie (lage hartslag) bij duursporters: https://www.ahajournals.org/doi/10.1161/CIRCULATIONAHA.125.076170Onderzoek van dezelfde groep naar aantal hartslagen per dag bij atleten versus niet-atleten: https://www.jacc.org/doi/10.1016/j.jacadv.2025.102140Waarom hardlopers mogelijk meer duizelingen hebben bij het opstaan: https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/41056402/—-De Slimmer Presteren Podcast is een ...
    Show More Show Less
    1 hr and 9 mins